zondag 26 september 2010

Vacances sportives et gourmand Dag 1

Zes uur: opstaan en eerst nog een zestal uur gaan werken. Veel zenuwen, weinig aandacht op het werk omdat ik met mijn gedachten al op de fiets zit. Pauze rond 10uur, compleet al van de wereld. Daar in de cafetaria leek niets nog interessant om opgenomen te worden. Ik hoorde en zag wel maar ik kon en wou niet reageren. Binnen vijf uur zou ik op mijn fiets zitten voor een van de grootste avonturen in mijn leven. Ook zou het de eerste keer zijn dat ik meerdere dagen na elkaar zou fietsen, niet zomaar wat fietsen maar tot aan de limiet gaan en nog wat verder liefst. Dat laatste is meermaals gebeurd met de gevolgen van dien.

De puzzel
De oplossing

Twaalf uur, raceje naar huis. In de vlucht dag zeggen tegen de collega's. Nu kan het niet snel genoeg gaan. Thuis aangekomen mij snel omgekleed. Hartslag zal toen wel zware fysieke inspanningen aangegeven hebben. Snel naar de grootouders, de fiets gaan ophalen. Race naar het station, daar de tickets gekocht, de locals zijn maar raar naar mij aan het kijken als ik sta te wachten. Nog een half uur over dus maar even langs de panos voor een broodje. Ik zet mijn fiets tegen het bakje waar de servetten enzo opstaan. Natuurlijk moet dat op die moment afgekuist worden door de meest onhandige van de panosmeisjes. Mijn fiets begint weg te glijden, ik paniek, loop naar mijn fiets(met mijn onbetaald broodje in mijn handen, je had de gezichten moeten zien van die twee achter de toog:D). Juist op tijd om mijn fiets vast te pakken. Broodje geplet, mayonaise eruit gespoten, fiets verzet, terug naar de toog. Twijfel, zou ik dit broodje wegleggen en een nieuw vragen(er lagen er geen meer voorgemaakt)? Neen, ik ben op vakantie, niets kan mij raken. Reken het broodje af ga op het perron staan. Weer allemaal rare blikken, dat wordt je wel gewoon hoor. “Hey meneer, is dit de eerste trein?”, daar ben ik tamelijk zeker van van niet:D, maar vakantiegevoel en ik antwoord:” Dat weet ik niet, ik sta juist op het perron.” Mooi van mij, vriendelijk geweest tegen jeugd:D en ook ze zei meneer, er is hoop en ze zag er niet zo slecht uit maar veel te jong. Twee minuten later:”Meneer, is dit de trein naar Brussel van 21?” Vakantiegevoel:” Ja, dat staat toch op het bord.” Sterk, respect voor mijzelf.
Trein rijdt binnen. Ik stap op, ik begin te roepen: Jaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaa, we zijn begonnen, kom op! Road, give it your best I sure as hell give mine! Dag meneer de neger, euhm zwarte bedoel ik. Geen rare blikken mijn richting. Begin ik hier al conversatie met mezelf te hebben in mijn hoofd:D, dat is snel. Meneer de zwarte vraagt iets over de metro, ik geef een ontwijkend verhaal van ik ben niet van Brussel ik kan je niet helpen, of iets in die trend. Langzaam komt de trein in beweging, zenuwen gieren nog altijd door mijn lichaam. Ik zoek afleiding. Weerspiegelingen in de venster trekken mijn aandacht en ik besluit om de camera uit te testen die aan mijn rugzak bengelt. Brussel tijd om uit te stappen. Door het volk baan ik mij een weg naar beneden, gezwind vlieg ik de trap af met mijn fiets. Tien punten voor een schouder, neen Tom, vakantiegevoel:”Sorry meneer.” Cross verder naar beneden. Terug omhoog met de roltrap. Opgespannen banden staan op de rand van de roltrap, ijzer bijt in rubber, nog even en knal! Maar dan, zon op mijn gezichte en we zijn boven. Weeral een weg banen door het volk.
Daar sta ik dan op het perron. Een baken van rust en vakantiegevoel met opkomende frustratie omdat mensen tegen mijn fiets blijven lopen. Er wou zelfs iemand zijn rugzak tegen zetten! Leg je rugzak is op iemand zijn tweedehandsauto van 1500euro. Heb het lef om te blijven staan tot die persoon naar zijn auto komt en wacht de reactie af. Wel, dit is geen auto maar het kost meer als die auto!!! Vakantiegevoel, oooohhhhmmmmm. Ok weer het baken van rust. Tot aan de overkant een koppel fitnessmannen tegen elkaar aan het stoefen zijn over hun spieren. Ineens kijken ze naar mij, zeggen ze iets en lachen ze naar elkaar. Ik als baken van rust, draai mij om buig mij over mijn fiets om 'iets aan mijn pedaal te doen'. Laat mijn beide kuiten even rollen en aftekenen in een paar houdingen. Draai mij om en het lachen was vergaan. Hmmm rust. Nog even Tom. Daar is de conductrice. Glimlach ontvangen, glimlach willen teruggeven maar het is meer een grijns geworden. Sorry, zenuwen. Trein rijdt binnen. Ik naar de kant waar de conductrice is opgelopen. Ik zie ze in de verte staan, baken van rust gaat naar baken van rust. Tot!!! “Meneer, dit is de voorkant van de trein, je moet aan de achterkant zijn voor je fiets.”, “Helemaal vanachter?”, “Helemaal.” Baken van rust verdwijnt. Na een derde van de trein gestapt te hebben wordt er gefloten. Gedachten vliegen door mijn hoofd, gij onnoz... vakantiegevoel. Ooohhhmmm. Dan maar spring op de fiets en tegen 25km/u vlieg ik over het perron. Trein op nog geen vijf cm van mijn schouder. Schouders op nog geen tien aan de andere kant. Zet daar nu iemand een stap naar voor? Ok dat wordt impact en tien punten. Nee toch niet, met flapperende mouwen raak ik en trein en schouder, niet hard raakt. Terug rust en kalmte. Vanachter aangekomen stap ik de trein op met fiets en al. Zet het naast mij tegen de zetel. Een koppel, zwarte vrouw, blanke man, mulat kindje, zit een bank verder. Ik zet mij neer, met de rijrichting mee. Vakantiegevoel neemt helemaal over.
Nu kan het omkleden beginnen. T-shirt gaat uit, schoenen gaan uit en broek naar beneden. Mulat kindje kijkt mij lachend aan. Ik glimlach, zij glimlacht terug en ik begin te grijnzen. Gedachten vliegen weer door mijn hoofd, ik ben geen priester maar hoe fout kan deze situatie lijken als die uit de context wordt gerukt. Gedachten gaan al een paar niveaus lager en ik ben nog niet uitgeput. Dat belooft:D. Trein stopt en een zwarte man stapt op met een fiets. Dat denk ik toch, het lijkt er toch op, stuur, twee wielen, kader. Met wat sommige mensen nog rondrijden en het koesteren alsof het hun dierbaarste bezit is. Normaal zou ik dat mooi vinden zoiets maar hij rijdt twee keer met zijn fiets tegen die van mijn. Vakantiegevoel Tom, vakantiegevoel. Daar komt de conductrice. Vriendelijk glimlacht ze naar mij. “Amaai, zo sportief.” Ik antwoord dat ik een meerdaagse fietstocht ga doen van Oostende tot Omaha beach. Ze knikt goedkeurend. Gedachten vliegen door mijn hoofd: nu moet ge niet vriendelijk gaan doen, schijnheilige tru... Vakantiegevoel:D. Ik glimlach terug, sta recht, laat mijn dijen goed aftekenen in mijn koersbroek. Haar gezicht: geld waard. Vind ik mezelf zo goed? Ja inderdaad, nee niet waar, ik neem mijn tickets. Ja, jawel(dank je Alex). Ga zitten en geef mijn tickets aan haar, ze geeft me een gaatje, ik neem, mijn tickets aan. Tom!!! Je gaat uren op een hard zadel zitten, blokkeer zo'n gedachten. Mijn hartslagmeter ligt op de bank tegenover mij, die was ik nog vergeten. Onhandig doe ik hem aan terwijl het mulatje naar mij staat te kijken. Ik draai mij om, kwestie van paranoïde gedachten in deze tijd van priesters uit de weg te gaan. Ik test het en het blijkt niet te werken. Het gaat toch niet beginnen:s. Ik spuit er nog wat meer water op, test opnieuw weer niets. Een laatste keer spuit ik er extreem veel water op, koud water loopt over mijn buik, natte strepen tekenen zich af op mijn truitje. Dat ziet er mooi uit, precies een verlamd persoon dat zijn speeksel niet kan binnenhouden en overgelaten is aan zijn lot. Uiteindelijk werkt het toch. Gelukkig want waar had ik dat reservebatterijtje weer gestoken?
Stilaan komen we aan in Oostende. Ik kan het rieken, nee eigenlijk niet, iedereen zegt dat je dat kan rieken, maar dat heb ik dus nog nooit gehad. Ik stap uit en loop het lang perron af, conductrice loopt naast mij en wenst mij nog veel succes toe, ik knik vriendelijk(vakantiegevoel), versnel mijn pas, wat zij ook doet. Uiteindelijk wordt er niets meer gezegd en kom ik op het stationsplein. Enkele foto's worden getrokken.
Ik bestijg mijn stalen ros en duw mij af. “Et c'est parti. Zie al die mensen hier rondlopen, ik ga hier een inspanning doen om U tegen te zeggen en niemand kijkt naar mij, weet van iets, intresseert zich erin. Toch raar hoeveel mensen je pad kruisen en toch niets met je te maken hebben.” Tot zover het luidop tegen mezelf praten. Nu riek ik de zee wel, ah nee doemme het is de vismijn. Stinken dat dat doet:D. We draaien in Oostende de dijk op en heb direct spijt van mijn keuze. Veel volk, gocarts die de op de meest onmogelijke momenten uitwijken, meestal als ik juist naast hun rij. Zand, zoveel zand, niet te doen. Er zijn plaatsen waar er zoveel zand ligt dat ik met de onderkant van mijn pedaal er gewoon door ga. Ergens voorbij Middelkerke besluit ik van de dijk af te gaan en langs de grote baan te rijden. Langs die baan vliegen de kilometers voorbij.
"Douanepost"
Rond vijf uur verlaat ik België en rij ik Frankrijk binnen. De douanepost is nu veranderd in een Leonidas winkeltje :D. Direct voel ik dat ik in Frankrijk ben. Beter bewegwijzerd, duidelijker zelfs in het Frans en veel betere wegen(over het algemeen). Via vele kleine straten gaat het door verschillende Franse dorpjes. Sommige dorpjes, als het die naam al mag hebben, zijn niet groter dan vier huizen, zelfs nog geen cafe of kerk zoals hier. Het eerste oorlogskerkhof kom ik al snel voorbij, een van de zoveel dacht ik toen maar dat viel uitendelijk tegen/mee te vallen. Het fort in Leffrincoucke ben ik voorbij gereden zonder dat het mij is opgevallen, waar ik nu wel spijt van heb. Maar mijn ingesteldheid op die moment had er misschien ook nog mee te maken. Kilometers en kilometers moest ik vreten, wou ik mijn doel halen. Vandaar ging het door naar Duinkerke waar ik een eerste keer de GPS heb gebruikt om zo gemakkelijk mogelijk de stad door te geraken.
Voor ik op de D601 beland die mij verder door Frankrijk slingert, heb ik wel ongeveer heel Duinkerken Industrie(in Fort Mardyck) gezien. Kom ik uiteindelijk op die D601, is mij dat daar een baan, op sommige plaatsen mag je daar zelfs 110rijden(waar ik niet aan kom maar de rest van de gebruikers wel). Na enkele schrikbarenden honderd meter vraag ik aan een vrouw of ik daar wel mag fietsen. Dat oud vrouwtje krabt een keer door het weinige grijze haar dat ze nog heeft en vraag:” Avec le vélo?” Ik bevestig en ze raad mij dat af, veel te gevaarlijk maar niet verboden. Komt er nog een hele uitleg over hoe ik moet rijden via binnenwegen. Na heel de uitleg instemmend te knikken en er niets van te verstaan buiten Loon-Plage zeg ik:”Mais, c'est pas interdit?”. Instemmend geknikt en na een merci en een knik schiet ik weg over de D601. Close call met camion 1 en 2 volgen al snel. Maar geen getoeter of Lierse SK wegwerpgebaren in mijn richting dus ik blijf dapper volhouden. Tot er een afslag volgt. Maar ik moet rechtdoor!!! Dus ik moet, op een baan waar ze op die moment 90 mogen en zeker zullen rijden op het tweede vak gaan rijden met mijn fiets, aan op dat moment 27!!! Recht op de trappers zo gaat die goed. Ik trek het tempo op naar 37 tot 40 om de automobilisten meer tijd te geven om mij te zien. Twee auto's nemen de afslag in mijn directe omgeving, tegelijk. Eentje bijna in mijn gat en een ander snijdt mij de pas af. Hartslag: we have lift off.
Zonsondergang Calais
Loon Plage bereik ik ongedeerd, buiten het kopje, dat heeft wel een mentale tik gekregen. Als dit zo nog vier dagen heen duurt dan loopt dat wel een keer slecht af. Maar daar mogen we niet aan denken. Ik kom voorbij Gravelines, een klein dorpje dat nog zo goed als 90% van zijn oude omwalling heeft, de muren staan er nog, de gracht ligt er nog met de verdedigingswerken. Enkel de poorten zijn weggehaald. Ik ben op dat moment al meer dan 12uur wakker en al drie uur aan het fietsen en was te moe om foto's te trekken maar dat zal ik wel doen in het terugkomen. Zo dicht mogelijk tegen de kust gaat het richting Calais. Daar zal ik de eerste avond overnachten.
Kamer in Balladins
Stilaan ben ik helemaal door mijn krachten heen. Bijna 100kilometer gereden kom ik aan bij het hotel Campanile. 79Euro voor een kamer is teveel, dus rij ik verder door naar het volgende. Hotel Balladins, daar is het 45 nog altijd duur voor zo een hotel maar ik denk niet dat ik goedkoper ga vinden in en rond Calais dus neem ik maar de kamer. De fiets kan binnen gezet worden, de volgende morgen zal er ontbijt zijn maar die avond nog eten gaat niet. Het is toen al rond acht uur. Ik raak aan de babbel met een Engels vrouw die met een man uit Amerika en een vrouw uit Zuid-Afrika van Londen naar Parijs fietsen. Ze hebben 135km gefietst maar ze geven toe dat dat wel makkelijker was dan mijn tocht van 100 met mijn bepakking van een 15 tot 20kg. Zij hadden nog een collega die met een motorhome af en toe langs de kant van de weg stond. Heel het gesprek was kortaf van mijn kant want ik wou op die moment gewoon zo snel mogelijk een douche nemen en eten(gaan zoeken). Na de nodige foto's van de kamer en de 'schade' ben ik uiteindelijk in Campanile moeten gaan eten. Buffet, zoveel je kan, dus heb daar voor minder dan 30euro mijn buikje rond gegeten. Daarna was het naar het hotel, bed in en recuperen. Het algemeen gevoel van die dag was goed, heel moe maar na 12uur wakker zat ik ik nog altijd op mijn fiets. De enkele mankementjes daar kan ik wel mee leven.
Kado van de rugzak






Geen opmerkingen:

Een reactie posten